ONTDEKKING EN CULTIVERING VAN KOFFIE

1.1 Oorsprong en verspreiding van koffie 

Koffie werd het eerst door de mens opgemerkt in het Koninkrijk Kaffa (c. 1390-1897), dat nu in Ethiopië ligt. Hier werd het buna, bunn of bunchum genoemd, wat 'boon' betekent.

Over de ontdekking van koffie als drank bestaan verschillende legenden. Een hiervan gaat over een herder genaamd Kaldi. Hij zag dat zijn geiten na het eten van bepaalde rode bessen erg opgewonden werden. De herder plukte er een aantal van, kookte ze en verkreeg hierdoor een aftreksel met een tot dan toe onbekende geur. Die drank was bitter, maar gaf ook een gevoel van voldoening en helderheid van geest. Een ander verhaal gaat over een Soefigeleerde uit Jemen die naar Kaffa reisde en van de bessen een drankje maakte. Koffie zou hierna wijn hebben vervangen als religieuze drank. Ook is er nog een verhaal van een naar de woestijn verbannen geestelijke uit de Jemenitische havenstad Mokka die vanwege de honger besloot de bessen van een koffieplant te koken.

De drank werd zowel opgemerkt door Arabische handelaren als door de beroemde Perzische arts Avicenna. Naar alle waarschijnlijkheid hebben Arabieren de teelt van koffieplanten in gang gezet. Ondanks pogingen tot geheimhouding en het handhaven van een uitvoerverbod, werd koffie spoedig populair in de meeste islamitische landen. De havenstad Mokka werd de belangrijkste distributeur vanwaar de koffie naar Egypte en Syrië werd getransporteerd. De koffiesoort mokka is naar deze stad vernoemd. Zowel islamitische geestelijken als Ethiopische christelijke geestelijken hebben de drank verboden vanwege het stimulerende en verslavende effect. Deze verboden zijn altijd weer na verloop van tijd ongedaan gemaakt. Het eerste Europese koffiehuis zou in het 16e-eeuwse Venetië zijn geopend, op het San Marco plein werd cafe Florian geopend. Daar kun je nog steeds koffie drinken.

1.2 Teelt onder Nederlandse en Franse hoede in de koloniën

Op instigatie van de Amsterdamse burgemeester Nicolaas Witsen, stuurde de commandeur van Malabar, Adriaan van Ommen, enkele koffieplantjes naar zijn collega van de VOC-vestiging in Batavia op. Deze werden geplant op de Kedawoeng-plantage in Batavia, maar deze oogst mislukte, waarna de door Henricus Zwaaydecroon in 1699 vanuit Malabar meegebrachte stekjes wel een goede oogst opleverden.[4] De eerste koffiemonsters en een koffieplant werden in 1706 naar Amsterdam verscheept. In de botanische tuin van Amsterdam werden de zaden van de plant verder opgekweekt en van daaruit verstuurd naar andere Europese landen.
De Nederlanders teelden voor de export koffie op plantages op Celebes en Sumatra, waardoor Nederland het eerste commerciële koffie exporterende land werd. Op het einde van de 17e eeuw smokkelden Nederlandse zeevaarders Coffea arabica van Mokka naar Java, waar de plant goed bleek te groeien. De slechte levensomstandigheden van de Javanen die werkten op de koloniale koffie- en suikerplantages in Nederlands-Indië werden beschreven door Eduard Douwes Dekker (Multatuli) in zijn boek Max Havelaar (1859). De Nederlanders brachten ook koffie naar Sri Lanka en Zuid-Amerika, waar de koffiecultuur van start ging in de 18e eeuw. Aldus verspreidde de productie zich snel over de meeste tropische gebieden. De Nederlanders waren naar verluidt de eerste handelaars die koffie op grote schaal naar Europa brachten. Amsterdam zou zo het eerste belangrijke internationale koffiehandelscentrum zijn geworden. Volgens sommigen gaat deze eer echter naar de grote concurrent in die tijd, Londen.

In 1709 gaf het Amsterdamse stadsbestuur een koffieplantje cadeau aan Lodewijk XIV, dat werd opgekweekt in de Jardin des Plantes in Parijs. Stekken vonden hun weg naar de Franse overzeese gebiedsdelen en naar Zuid- en Midden-Amerika en het Caribisch gebied. In het begin van de 18e eeuw wist de Franse marineofficier Gabriel de Clieu, die in dienst was op Martinique, stekjes van een koffieplant naar de Franse Caraïbische eilanden Martinique, Haïti, Santo Domingo en Guadeloupe te smokkelen waarna de koffieproductie ook daar op gang kwam. Rond 1727 wist men ook koffiezaden vanuit Frans-Guyana naar Brazilië te smokkelen.

 

1.3 Teelten in Zuid-Amerika, Afrika en andere landen

Nadat de Nederlanders in 1718 koffieplanten naar Nederlands Guyana (Suriname) brachten en daar koffieplantages inrichtten, verspreidde zich de teelt snel over heel Zuid-Amerika. Portugezen wisten rond 1727 in Franse koloniën zoals Martinique en Frans-Guyana koffiezaden of -stekjes te bemachtigen en zetten in Brazilië koffieplantages op. In 1760 werden koffieplanten of zaaigoed uit Goa in het huidige India geïmporteerd. (Goa en Brazilië waren toen beide Portugese kolonies.) Door de almaar grotere productie daalde de prijs van koffie verder. Brazilië ontwikkelde zich tot de grootste koffieproducent ter wereld, een positie die het nog steeds heeft.

Vanaf eind 19e, begin 20e eeuw wordt in de verschillende Afrikaanse koloniën van België, Duitsland en Frankrijk de teelt van koffie ter hand genomen. In 1857 gaat de teelt in de Franse protectoraten in Vietnam van start.

In de laatste decennia van de twintigste eeuw groeide de koffieproductie sterk in enkele landen die eerder slechts een bescheiden positie op de koffiemarkt innamen, waaronder Ethiopië en Vietnam, dat rond de eeuwwisseling het op een na grootste koffieproducerende land ter wereld werd.

 Plantenziekten

Aan het einde van de 19e eeuw werd men door plantenziekten genoodzaakt om de gevoelige Coffea arabica te vervangen door de minder gevoelige Coffea canephora (de robusta-koffie), die in Belgisch-Congo werd ontdekt.

bezoek ons

Wat een leuk idee dat je ons wil komen opzoeken:

 

Verlengde Noordkade 14

5462 EH Veghel 

7/7 9.00 - 17.00 uur

wil je ons spreken

Gewoon ouderwets even bellen:

0413 - 712962

Consulting

Wij gaan graag met je om de tafel. Maak een afspraak en we bespreken graag jouw (koffie) wensen.

  • Facebook
  • Instagram

Noord - Coffee Roasters (C) 2020

COFFEE FACTS 
HET BEREIDEN VAN KOFFIE 
KOFFIE OP KANTOOR